Lichtberekening voor ruimte




Berekeningsresultaten:
Berekeningsmethode (hoe het resultaat wordt verkregen) Een vraag stellen
Was de calculator nuttig?
Nee

Over de berekening van licht

De resultaten zijn benaderend. Controleer de berekeningen vóór gebruik aan de hand van de geldende normen en raadpleeg een specialist. De ontwikkelaar is niet verantwoordelijk voor de gevolgen van gebruik zonder projectverificatie.

Deze calculator maakt een lichtberekening voor een ruimte op basis van een doelwaarde voor verlichtingssterkte. Daarna bepaalt hij óf de lichtstroom per armatuur wanneer het aantal armaturen bekend is, óf het benodigde aantal armaturen wanneer de lichtstroom van één armatuur bekend is.

De berekening is bedoeld voor een voorlopige lichtplanning in ruimtes en voor het vergelijken van armatuuropties op basis van lumen en aantal.

Richtwaarden en aanbevelingen

Doelverlichtingssterkte Em

Verlichtingssterkte Em wordt ingevoerd in lux (lx) als de beoogde gemiddelde waarde op het werkvlak of op een typische oppervlakte in de ruimte. Vaak wordt verwezen naar de eisen van EN 12464-1 (werkplekken binnen) en EN 12464-2 (werkplekken buiten).

Eenheden zijn als volgt gekoppeld: 1 lx = 1 lm/m2. Hiermee kun je een lux-doelwaarde via de oppervlakte omrekenen naar de benodigde lichtstroom in lumen.

Oppervlakte van de ruimte A

Oppervlakte A wordt gebruikt in m2. Als lengte en breedte bekend zijn, wordt de oppervlakte berekend als het product van beide zijden. Als de oppervlakte direct wordt ingevoerd, wordt deze zonder herberekening gebruikt.

A = L × W

waarbij L de lengte (m) is. W is de breedte (m). A is de oppervlakte (m2).

Onderhoudsfactor k

De onderhoudsfactor k houdt rekening met de afname van de verlichtingssterkte tijdens gebruik en voegt een veiligheidsmarge toe voor de omstandigheden. De calculator biedt vaste waarden k = 1.0, 1.2, 1.5, 2.0.

Praktische betekenis. Bij k = 1.0 wordt geen marge toegepast. Bij k = 1.2 worden vaak gematigde verliezen meegenomen. Bij k = 1.5 worden grotere verliezen en onzekerheden afgedekt. Bij k = 2.0 wordt een grote marge gebruikt wanneer de gebruiksomstandigheden ongunstig zijn of wanneer hogere eisen aan het verlichtingsniveau gelden.

Vereiste totale lichtstroom Φtotal

De totale lichtstroom Φtotal (lm) wordt berekend uit de doelverlichtingssterkte, de oppervlakte en de onderhoudsfactor. De rekenlogica is gebaseerd op de relatie lumen per oppervlakte en leidt tot de benodigde “verlichtingscapaciteit” voor de ruimte.

Φtotal = Em × A × k

waarbij Em de doelverlichtingssterkte (lx) is. A is de oppervlakte (m2). k is de onderhoudsfactor. Φtotal is de vereiste totale lichtstroom (lm).

Keuze van het eindresultaat per modus

Modus “Op basis van aantal armaturen” gebruikt het ingevoerde aantal N (st.) en bepaalt welke lichtstroom één armatuur moet leveren om de vereiste totale lichtstroom te halen. Het resultaat wordt naar boven afgerond tot een heel lumen.

Φ1 = Φtotal / N

Modus “Op basis van lichtstroom van 1 armatuur” gebruikt de ingevoerde lichtstroom per armatuur Φ1 (lm) en bepaalt het benodigde aantal armaturen. Het resultaat wordt naar boven afgerond op een heel getal.

N = ceil(Φtotal / Φ1)

Berekende verlichtingssterkte (E × k)

De berekende verlichtingssterkte in de resultaten toont de doelwaarde met de onderhoudsfactor toegepast. Dit is een handige referentie om te zien welk doelniveau “met marge” in de berekening wordt gebruikt.

Emcalc = Em × k

FAQs

Waarom wordt de lichtstroom in lumen berekend terwijl het doel in lux is opgegeven?

Lux is lumen per vierkante meter. Daarom kun je bij een bekende oppervlakte de vereiste verlichtingssterkte (lx) omzetten naar de totale lichtstroom (lm) met Φtotal = Em × A × k.

Wat betekent de onderhoudsfactor k en waarom is die groter dan 1?

De onderhoudsfactor k verhoogt de vereiste lichtstroom om verliezen mee te nemen en een marge voor omstandigheden toe te voegen. Bijvoorbeeld: bij k = 1.2 rekent de berekening met 20% meer lichtstroom dan “precies volgens het doel”.

Waarom wordt het aantal armaturen naar boven afgerond?

Als de uitkomst bijvoorbeeld 6.2 armaturen is, heb je er in de praktijk 7 nodig. Naar boven afronden met ceil() zorgt ervoor dat de totale lichtstroom niet onder de vereiste waarde komt.

Kan deze berekening de verlichtingssterkte op een werkplek nauwkeurig inschatten?

Dit is een schatting op basis van oppervlakte en totale lichtstroom. De werkelijke verlichtingssterkte hangt af van lichtverdeling, montagehoogte, reflectiewaarden van oppervlakken en de optiek van het armatuur. Voor een nauwkeurig ontwerp wordt doorgaans een lichtberekening met fotometrische gegevens gebruikt.

Welke normen voor verlichtingssterkte worden in Europa vaak gebruikt?

Voor werkplekken binnen wordt vaak verwezen naar EN 12464-1 en voor werkplekken buiten naar EN 12464-2. De calculator gebruikt typische Em-waarden als praktische richtpunten, en Em kan indien nodig handmatig worden ingevoerd.